← Terug naar overzicht

Passend examineren: ruimte voor ondersteuning, met behoud van dezelfde exameneisen

5 minuten

Niet iedere kandidaat heeft dezelfde omstandigheden nodig om te kunnen laten zien welke kennis en vaardigheden worden beheerst. Voor veel kandidaten is een reguliere examenafname passend. Voor anderen kan dyslexie, een lichamelijke of motorische beperking, prikkelgevoeligheid of een andere ondersteuningsbehoefte invloed hebben op de manier waarop een examen kan worden afgelegd.

LSSO Onderwijsgroep vindt het belangrijk dat een examen zo betrouwbaar mogelijk meet wat een kandidaat daadwerkelijk kent en kan. Een ondersteuningsbehoefte die losstaat van de kennis of beroepsvaardigheid die wordt getoetst, hoeft daarbij niet onnodig een belemmering te vormen.

Daarom kan bij LSSO waar mogelijk worden gekeken naar passende voorzieningen bij examinering. Het uitgangspunt is daarbij altijd hetzelfde: de exameneisen, eind- en toetstermen en het vereiste niveau blijven voor iedere kandidaat gelijk.

Kijken naar wat een kandidaat kan

Een ondersteuningsbehoefte zegt niet automatisch iets over de vakinhoudelijke kennis of beroepsvaardigheden van een kandidaat.

Een kandidaat met dyslexie kan bijvoorbeeld meer tijd nodig hebben om schriftelijke informatie te verwerken. Een motorische beperking kan invloed hebben op de manier waarop een praktische handeling wordt uitgevoerd. Ook andere omstandigheden kunnen van invloed zijn op de examenafname, terwijl de kandidaat de gevraagde kennis of beroepsvaardigheid wel beheerst.

LSSO Onderwijsgroep werkt samen met verschillende organisaties die mensen begeleiden bij leren, ontwikkelen en het vinden van een passende en duurzame plek op de arbeidsmarkt. Vanuit deze praktijk is er aandacht voor wat een kandidaat kan, welke ondersteuning nodig is om dit zichtbaar te maken en wat uiteindelijk in de beroepspraktijk wordt gevraagd.

Die benadering is ook relevant bij examinering.

Passend examineren is geen makkelijker examen

Een passende examenvoorziening betekent niet dat de inhoudelijke eisen worden verlaagd.

Iedere kandidaat wordt beoordeeld op dezelfde vastgestelde eind- en toetstermen en het bijbehorende niveau. Een voorziening mag geen inhoudelijk voordeel opleveren en mag niet betekenen dat een essentieel onderdeel van het examen niet meer wordt getoetst.

Het verschil zit dus in de omstandigheden waaronder de kandidaat laat zien wat hij of zij beheerst, niet in wat de kandidaat moet beheersen.

Dat onderscheid is belangrijk. Een examen moet immers betrouwbaar aantonen dat de vereiste kennis en vaardigheden aanwezig zijn. Alleen dan behoudt een certificaat of diploma zijn waarde.

Welke passende examenvoorzieningen zijn mogelijk?

Wat passend is, verschilt per kandidaat én per examen. Een voorziening die bij een schriftelijk examen mogelijk is, hoeft niet passend te zijn bij een praktijkexamen waarin een specifieke beroepsvaardigheid moet worden aangetoond.

Afhankelijk van de situatie kan bijvoorbeeld worden gekeken naar extra examentijd, de inrichting van de examenruimte, de manier waarop exameninformatie wordt aangeboden of een andere passende voorziening.

Daarbij staat steeds dezelfde vraag centraal:

Kan met deze voorziening nog steeds betrouwbaar worden vastgesteld dat de kandidaat de vereiste kennis en vaardigheden zelfstandig beheerst?

Daarom wordt een ondersteuningsvraag bij voorkeur vooraf besproken en in relatie tot het betreffende examen beoordeeld. Niet iedere voorziening is bij ieder examen mogelijk.

Aansluiten bij de beroepspraktijk

Ook in de beroepspraktijk werken mensen niet allemaal op dezelfde manier. Medewerkers kunnen gebruikmaken van technologie, hulpmiddelen, een aangepaste werkplek of andere voorzieningen om hun werkzaamheden zelfstandig en professioneel uit te voeren.

Bij passend examineren is het daarom relevant om te kijken naar wat het examen daadwerkelijk moet meten en wat de beroepspraktijk van een kandidaat vraagt.

Wanneer een aanpassing geen invloed heeft op de kennis of beroepsvaardigheid die wordt beoordeeld, kan worden onderzocht of deze binnen de examenvoorwaarden mogelijk is. Wanneer een bepaalde handeling juist onderdeel is van de vaardigheid die moet worden aangetoond, kan deze niet zonder meer worden aangepast of weggelaten.

Zo ontstaat een balans tussen toegankelijke examinering en betrouwbare examinering.

Samenwerking met opleiders en begeleidende organisaties

Passend examineren vraagt om goede afstemming. Opleiders en begeleidende organisaties kennen hun kandidaten vaak goed en kunnen een belangrijke rol spelen bij het tijdig signaleren en bespreken van een ondersteuningsbehoefte.

LSSO werkt daarom samen met opleiders en verschillende organisaties die kandidaten begeleiden bij opleiding, ontwikkeling en participatie op de arbeidsmarkt. Waar nodig kan voorafgaand aan een examen worden bekeken welke omstandigheden nodig zijn en welke voorziening binnen de geldende exameneisen verantwoord kan worden ingezet.

Daarmee ontstaat duidelijkheid voor zowel de kandidaat als de opleider en kan de examenafname zorgvuldig worden voorbereid.

Dezelfde norm, passende omstandigheden

Passend examineren gaat uiteindelijk niet over het eenvoudiger maken van een examen. Het gaat erom dat een examen zo goed mogelijk meet wat het moet meten.

LSSO wil kandidaten de mogelijkheid bieden om hun kennis en vaardigheden op een betrouwbare manier aan te tonen, ook wanneer daarvoor passende omstandigheden nodig zijn. De manier waarop een examen wordt afgenomen kan waar mogelijk worden aangepast; de inhoudelijke waarde van het examenresultaat niet.

Een ondersteuningsbehoefte vooraf bespreken

Is er bij een kandidaat sprake van een ondersteuningsbehoefte die van invloed kan zijn op de examenafname? Neem dan vóór de examenaanmelding contact op met LSSO Onderwijsgroep. Kandidaten, opleiders en begeleidende organisaties kunnen samen met LSSO bekijken welke passende examenvoorziening mogelijk is.

Zo kan de kandidaat onder passende omstandigheden laten zien wat hij of zij beheerst, terwijl voor opleider, kandidaat én arbeidsmarkt duidelijk blijft dat aan dezelfde exameneisen en hetzelfde niveau is voldaan.