ModulePRODit is een LSSO Pro-examen
Marketing
Dit is een LSSO Pro-examen. Lees meer over LSSO Pro.

Marketing gaat over het begrijpen van de markt en het maken van keuzes waarmee een organisatie haar klanten bereikt, bedient en behoudt. Tijdens het examen Marketing laat je zien dat je marketingbegrippen niet alleen kent, maar deze ook kunt toepassen in herkenbare zakelijke situaties.
Je werkt met onderwerpen zoals de marketingmix, omgevingsfactoren, marketingplanning, consumentengedrag, zakelijke afnemers, marktonderzoek en product-, prijs-, distributie- en communicatiebeleid. Je beoordeelt bijvoorbeeld welke strategie bij een organisatie past, hoe een doelgroep kan worden bereikt en welke informatie nodig is om een marketingkeuze te onderbouwen.
Ook online marketing maakt onderdeel uit van het examen. Je laat zien dat je begrijpt hoe organisaties online klanten aantrekken, tot actie bewegen en aan zich binden. Daarbij komen onder andere online en offline communicatie, de marketingtrechter, conversie, SEO, SEA, e-mailmarketing, social media en affiliate marketing aan bod.
Het examen is praktijkgericht. Dat betekent dat je niet alleen definities hoeft te kennen. Je krijgt ook korte situaties en een samenhangende case waarin je marketingkennis gebruikt om keuzes te maken, gegevens te interpreteren en jouw antwoord kort toe te lichten.
Bij een voldoende resultaat ontvang je het LSSO-certificaat Marketing. Hiermee toon je aan dat je de getoetste marketingkennis en -vaardigheden op het vastgestelde niveau beheerst. Afhankelijk van jouw leerroute kan het certificaat onderdeel zijn van een bredere LSSO-diplomaroute.
Marketing: eind- en toetstermen
K = kennisvragen | B = begripsvragen | T = toepassingsvragen | A = analysevragen
1. Marketing en marktgericht denken
1.1 De kandidaat begrijpt het begrip marketing en kan uitleggen hoe marketing bijdraagt aan het afstemmen van het aanbod op de behoeften van afnemers.
1.2 De kandidaat kent en begrijpt het productieconcept, productconcept, verkoopconcept, marketingconcept en maatschappelijk marketingconcept en kan deze in een praktijksituatie herkennen.
1.3 De kandidaat begrijpt de marketingmix en kan de onderdelen product, prijs, plaats, promotie en personeel toepassen op een organisatie, product of dienst.
1.4 De kandidaat kan interne en externe omgevingsfactoren onderscheiden en relevante factoren op micro-, meso- en macroniveau, waaronder DESTEP-factoren, herkennen en beoordelen.
1.5 De kandidaat begrijpt de rol van verschillende marketingfuncties, waaronder marketingmanager, productmanager en accountmanager.
2. Marketingplanning en strategie
2.1 De kandidaat begrijpt het verschil tussen strategische, tactische en operationele planning en kan marketingactiviteiten aan een passende planningshorizon koppelen.
2.2 De kandidaat begrijpt de samenhang tussen missie, doelstellingen, corebusiness en afgeleide doelstellingen en kan eenvoudige marketingdoelstellingen SMART formuleren.
2.3 De kandidaat kan de belangrijkste onderdelen van een marketingplan herkennen, ordenen en voor een eenvoudige praktijksituatie uitwerken.
2.4 De kandidaat begrijpt de algemene concurrentiestrategieën van Porter en de groeistrategieën van Ansoff en kan in een praktijksituatie een passende strategie herkennen en onderbouwen.
3. Afnemers en koopgedrag
3.1 De kandidaat begrijpt de verschillen tussen consumentenmarkten en zakelijke markten en kan kenmerken van beide herkennen.
3.2 De kandidaat begrijpt consumentengedrag en het besluitvormingsproces van consumenten en kan deze kennis toepassen op een koopsituatie.
3.3 De kandidaat begrijpt hoe psychologische, sociologische en economische factoren het koopgedrag kunnen beïnvloeden en kan deze factoren in een praktijksituatie herkennen en beoordelen.
3.4 De kandidaat begrijpt het koopgedrag van zakelijke afnemers en de rol van verschillende betrokkenen of decision makers in het aankoopproces.
4. Marktonderzoek
4.1 De kandidaat begrijpt het doel van marktonderzoek en kan bepalen welke informatie met marktonderzoek kan worden verzameld.
4.2 De kandidaat kan deskresearch en fieldresearch onderscheiden en voor een eenvoudige onderzoeksvraag een passende onderzoeksvorm kiezen.
4.3 De kandidaat begrijpt het doel van een steekproef en kan aandachtspunten bij het samenstellen en beoordelen van een eenvoudige steekproef herkennen.
4.4 De kandidaat kan eenvoudige onderzoeksgegevens of marktinformatie interpreteren en daaruit een bruikbare marketingconclusie trekken.
5. Product- en merkbeleid
5.1 De kandidaat begrijpt de verschillende productniveaus en kan deze bij een product of dienst herkennen.
5.2 De kandidaat begrijpt gangbare productindelingen op basis van duurzaamheid, gebruiker, koopgedrag en relatie met inkomen en kan deze toepassen.
5.3 De kandidaat kan een assortiment beoordelen aan de hand van breedte, diepte en consistentie en begrijpt de begrippen trading-up, trading-down en kannibalisatie.
5.4 De kandidaat begrijpt de functie van merken en merkbescherming en kan het belang van een merk voor aanbieder en afnemer toelichten.
5.5 De kandidaat begrijpt de fasen van de productlevenscyclus en kan marketingkeuzes koppelen aan de verschillende fasen.
5.6 De kandidaat kan onderdelen van de productmix, waaronder product, merk, kwaliteit, verpakking en service, toepassen op een product of dienst.
6. Prijsbeleid
6.1 De kandidaat begrijpt kostprijs-, concurrentie- en afnemersgeoriënteerde prijsbepaling en kan in een praktijksituatie een passende prijsbenadering herkennen, kiezen en onderbouwen.
7. Distributiebeleid
7.1 De kandidaat begrijpt de functies van een distributiekanaal en kan directe en indirecte distributie onderscheiden.
7.2 De kandidaat kan verschillende distributiekanalen herkennen en een kanaalkeuze relateren aan het product, de doelgroep en de markt.
7.3 De kandidaat begrijpt push- en pullstrategieën en kan kanaalconflicten herkennen en beoordelen.
7.4 De kandidaat begrijpt intensieve, selectieve en exclusieve distributie en kan in een praktijksituatie een passende distributie-intensiteit kiezen en onderbouwen.
8. Marketingcommunicatie
8.1 De kandidaat begrijpt het communicatieproces en kan de onderdelen daarvan in een marketingcommunicatiesituatie herkennen.
8.2 De kandidaat kan het doel, de doelgroep, de boodschap, het medium en de effectmeting van een marketingcommunicatieactiviteit herkennen en beoordelen.
8.3 De kandidaat kent belangrijke vormen van reclame en reclamemedia en begrijpt dat marketingcommunicatie aan geldende regels moet voldoen.
8.4 De kandidaat begrijpt persoonlijke verkoop en kan verkoopmodellen, waaronder AIDA en VOCATIO, herkennen en toepassen in een eenvoudige verkoopsituatie.
8.5 De kandidaat begrijpt de functie van salespromotion, public relations, persberichten en sponsoring en kan voor een praktijksituatie een passend communicatie-instrument kiezen.
9. Dienstenmarketing en direct marketing
9.1 De kandidaat begrijpt het begrip dienstenmarketing en het product-dienstcontinuüm en kan producten en diensten daarop positioneren.
9.2 De kandidaat begrijpt de kenmerken van diensten en het belang van personeel, frontoffice, backoffice en pre- en aftersales voor de klantbeleving.
9.3 De kandidaat begrijpt direct marketing en kan verschillende vormen van direct marketing herkennen en passend inzetten.
10. Online marketing
10.1 De kandidaat begrijpt de betekenis van online marketing en kan de 4 C’s relateren aan de traditionele marketingmix.
10.2 De kandidaat begrijpt hoe online kanalen bijdragen aan het aantrekken, converteren en binden van klanten.
10.3 De kandidaat begrijpt de stappen van de online marketingtrechter en kan eenvoudige conversiegegevens berekenen en interpreteren.
10.4 De kandidaat begrijpt het verschil tussen organische vindbaarheid en betaalde zoekmachinemarketing en kan de basisprincipes van SEO en SEA toepassen in een eenvoudige praktijksituatie.
10.5 De kandidaat begrijpt de functie van e-mailmarketing, social media, virale marketing en affiliate marketing binnen de online marketingcommunicatie.
10.6 De kandidaat kan voor een eenvoudige praktijksituatie een passende combinatie van online en offline marketingcommunicatie kiezen en de keuze onderbouwen.
Kennis (K) | Begrip (B) | Toepassing (T) | Analyse (A) |
10% | 25% | 45–50% | 15–20% |
Onderbouwing: Marketing vraagt kennis van kernbegrippen, maar vooral begrip en toepassing in herkenbare marktsituaties. Analyse is passend bij doelgroep-, markt- en marketingkeuzes.
Nr. | Omschrijving | K | B | T | A |
1.1 | De kandidaat begrijpt het begrip marketing en kan uitleggen hoe marketing bijdraagt aan het afstemmen van het aanbod op de behoeften van afnemers. | X | |||
1.2 | De kandidaat kent en begrijpt het productieconcept, productconcept, verkoopconcept, marketingconcept en maatschappelijk marketingconcept en kan deze in een praktijksituatie herkennen. | X | X | X | |
1.3 | De kandidaat begrijpt de marketingmix en kan de onderdelen product, prijs, plaats, promotie en personeel toepassen op een organisatie, product of dienst. | X | X | ||
1.4 | De kandidaat kan interne en externe omgevingsfactoren onderscheiden en relevante factoren op micro-, meso- en macroniveau, waaronder DESTEP-factoren, herkennen en beoordelen. | X | X | X | |
1.5 | De kandidaat begrijpt de rol van verschillende marketingfuncties, waaronder marketingmanager, productmanager en accountmanager. | X | X | ||
2.1 | De kandidaat begrijpt het verschil tussen strategische, tactische en operationele planning en kan marketingactiviteiten aan een passende planningshorizon koppelen. | X | X | ||
2.2 | De kandidaat begrijpt de samenhang tussen missie, doelstellingen, corebusiness en afgeleide doelstellingen en kan eenvoudige marketingdoelstellingen SMART formuleren. | X | X | ||
2.3 | De kandidaat kan de belangrijkste onderdelen van een marketingplan herkennen, ordenen en voor een eenvoudige praktijksituatie uitwerken. | X | X | X | |
2.4 | De kandidaat begrijpt de algemene concurrentiestrategieën van Porter en de groeistrategieën van Ansoff en kan in een praktijksituatie een passende strategie herkennen en onderbouwen. | X | X | X | |
3.1 | De kandidaat begrijpt de verschillen tussen consumentenmarkten en zakelijke markten en kan kenmerken van beide herkennen. | X | X | ||
3.2 | De kandidaat begrijpt consumentengedrag en het besluitvormingsproces van consumenten en kan deze kennis toepassen op een koopsituatie. | X | X | ||
3.3 | De kandidaat begrijpt hoe psychologische, sociologische en economische factoren het koopgedrag kunnen beïnvloeden en kan deze factoren in een praktijksituatie herkennen en beoordelen. | X | X | X | |
3.4 | De kandidaat begrijpt het koopgedrag van zakelijke afnemers en de rol van verschillende betrokkenen of decision makers in het aankoopproces. | X | X | ||
4.1 | De kandidaat begrijpt het doel van marktonderzoek en kan bepalen welke informatie met marktonderzoek kan worden verzameld. | X | X | ||
4.2 | De kandidaat kan deskresearch en fieldresearch onderscheiden en voor een eenvoudige onderzoeksvraag een passende onderzoeksvorm kiezen. | X | X | X | |
4.3 | De kandidaat begrijpt het doel van een steekproef en kan aandachtspunten bij het samenstellen en beoordelen van een eenvoudige steekproef herkennen. | X | X | ||
4.4 | De kandidaat kan eenvoudige onderzoeksgegevens of marktinformatie interpreteren en daaruit een bruikbare marketingconclusie trekken. | X | X | X | |
5.1 | De kandidaat begrijpt de verschillende productniveaus en kan deze bij een product of dienst herkennen. | X | X | ||
5.2 | De kandidaat begrijpt gangbare productindelingen op basis van duurzaamheid, gebruiker, koopgedrag en relatie met inkomen en kan deze toepassen. | X | X | ||
5.3 | De kandidaat kan een assortiment beoordelen aan de hand van breedte, diepte en consistentie en begrijpt de begrippen trading-up, trading-down en kannibalisatie. | X | X | X | |
5.4 | De kandidaat begrijpt de functie van merken en merkbescherming en kan het belang van een merk voor aanbieder en afnemer toelichten. | X | X | X | |
5.5 | De kandidaat begrijpt de fasen van de productlevenscyclus en kan marketingkeuzes koppelen aan de verschillende fasen. | X | X | X | |
5.6 | De kandidaat kan onderdelen van de productmix, waaronder product, merk, kwaliteit, verpakking en service, toepassen op een product of dienst. | X | X | ||
6.1 | De kandidaat begrijpt kostprijs-, concurrentie- en afnemersgeoriënteerde prijsbepaling en kan in een praktijksituatie een passende prijsbenadering herkennen, kiezen en onderbouwen. | X | X | X | |
7.1 | De kandidaat begrijpt de functies van een distributiekanaal en kan directe en indirecte distributie onderscheiden. | X | X | ||
7.2 | De kandidaat kan verschillende distributiekanalen herkennen en een kanaalkeuze relateren aan het product, de doelgroep en de markt. | X | X | X | |
7.3 | De kandidaat begrijpt push- en pullstrategieën en kan kanaalconflicten herkennen en beoordelen. | X | X | X | |
7.4 | De kandidaat begrijpt intensieve, selectieve en exclusieve distributie en kan in een praktijksituatie een passende distributie-intensiteit kiezen en onderbouwen. | X | X | X | |
8.1 | De kandidaat begrijpt het communicatieproces en kan de onderdelen daarvan in een marketingcommunicatiesituatie herkennen. | X | X | ||
8.2 | De kandidaat kan het doel, de doelgroep, de boodschap, het medium en de effectmeting van een marketingcommunicatieactiviteit herkennen en beoordelen. | X | X | X | |
8.3 | De kandidaat kent belangrijke vormen van reclame en reclamemedia en begrijpt dat marketingcommunicatie aan geldende regels moet voldoen. | X | X | X | |
8.4 | De kandidaat begrijpt persoonlijke verkoop en kan verkoopmodellen, waaronder AIDA en VOCATIO, herkennen en toepassen in een eenvoudige verkoopsituatie. | X | X | ||
8.5 | De kandidaat begrijpt de functie van salespromotion, public relations, persberichten en sponsoring en kan voor een praktijksituatie een passend communicatie-instrument kiezen. | X | X | X | |
9.1 | De kandidaat begrijpt het begrip dienstenmarketing en het product-dienstcontinuüm en kan producten en diensten daarop positioneren. | X | X | ||
9.2 | De kandidaat begrijpt de kenmerken van diensten en het belang van personeel, frontoffice, backoffice en pre- en aftersales voor de klantbeleving. | X | X | X | |
9.3 | De kandidaat begrijpt direct marketing en kan verschillende vormen van direct marketing herkennen en passend inzetten. | X | X | X | |
10.1 | De kandidaat begrijpt de betekenis van online marketing en kan de 4 C’s relateren aan de traditionele marketingmix. | X | X | ||
10.2 | De kandidaat begrijpt hoe online kanalen bijdragen aan het aantrekken, converteren en binden van klanten. | X | X | X | |
10.3 | De kandidaat begrijpt de stappen van de online marketingtrechter en kan eenvoudige conversiegegevens berekenen en interpreteren. | X | X | X | |
10.4 | De kandidaat begrijpt het verschil tussen organische vindbaarheid en betaalde zoekmachinemarketing en kan de basisprincipes van SEO en SEA toepassen in een eenvoudige praktijksituatie. | X | X | X | |
10.5 | De kandidaat begrijpt de functie van e-mailmarketing, social media, virale marketing en affiliate marketing binnen de online marketingcommunicatie. | X | X | ||
10.6 | De kandidaat kan voor een eenvoudige praktijksituatie een passende combinatie van online en offline marketingcommunicatie kiezen en de keuze onderbouwen. | X | X | X
|
Hoe ziet het examen Marketing eruit?
Het examen Marketing is een schriftelijk examen waarin je laat zien dat je marketingkennis begrijpt en kunt toepassen in commerciële en beroepsgerichte situaties. Je werkt met onderwerpen zoals marktgericht denken, marketingstrategie, afnemersgedrag, marktonderzoek, de marketingmix, marketingcommunicatie en online marketing.
De vraagstelling is duidelijk en praktijkgericht. Het gaat niet alleen om het kennen van marketingbegrippen. Je laat ook zien dat je informatie uit een situatie kunt gebruiken, een passende marketingkeuze kunt maken en deze waar nodig kunt onderbouwen.
Schriftelijk examen
Het schriftelijke examen duurt 90 minuten. Het examen bestaat uit kennis- en begripsvragen en uit praktijkgerichte vragen en opdrachten waarin verschillende marketingonderwerpen met elkaar worden gecombineerd.
Voor het volledige examen zijn maximaal 100 punten te behalen.
Wat kun je verwachten?
Tijdens het examen kunnen alle onderdelen uit de eind- en toetstermen aan bod komen. Je werkt onder andere met marketingconcepten, de marketingmix, omgevingsfactoren en DESTEP, marketingplanning, Porter en Ansoff, consumentengedrag, zakelijke afnemers, marktonderzoek, product- en merkbeleid, prijsbeleid, distributie, dienstenmarketing en marketingcommunicatie.
Ook online marketing maakt onderdeel uit van het examen. Je kunt vragen krijgen over onderwerpen zoals de online marketingtrechter, conversie, SEO en SEA, e-mailmarketing, social media, virale marketing en affiliate marketing.
Je moet niet alleen begrippen herkennen. Waar dat bij de eindtermen past, beoordeel je informatie, vergelijk je mogelijkheden en bepaal je welke marketingaanpak het beste bij een organisatie, doelgroep of situatie past.
Praktijkgerichte marketingopgaven
Je kunt bijvoorbeeld een opdracht krijgen over een organisatie die een nieuwe doelgroep wil bereiken, een product of dienst op de markt wil brengen of haar online zichtbaarheid wil vergroten. Je kunt worden gevraagd een marketingstrategie te kiezen, onderzoeksgegevens te interpreteren, een prijs- of distributiekeuze te beoordelen of online en offline communicatiemiddelen met elkaar te combineren.
De informatie die je nodig hebt om de opdrachten te maken, staat in het examen.
Beoordeling en eindcijfer
Voor het examen kun je maximaal 100 punten behalen. Het cijfer wordt berekend met: behaalde punten ÷ 10 = cijfer. Het berekende cijfer wordt volgens de normale afrondingsregels afgerond op een geheel cijfer. Een score van 55 punten leidt daarmee tot het cijfer 6.
Ieder examen is uniek
Ieder LSSO-examen is uniek. De verschillende examenvarianten worden samengesteld vanuit dezelfde eind- en toetstermen en toetsen hetzelfde niveau. Organisaties, producten, diensten, doelgroepen, gegevens en praktijksituaties kunnen per examen verschillen. Je bereidt je daarom voor op de marketingkennis en vaardigheden en niet op één vaste set vragen of één voorbeeldcase.
Hulpmiddelen
Tijdens het examen mag je gebruikmaken van een pen en door LSSO verstrekt kladpapier. Wanneer bij het examen een rekenmachine is toegestaan, wordt dit vooraf aangegeven. Eigen aantekeningen, lesboeken, mobiele telefoons, internet en andere niet vooraf toegestane hulpmiddelen mogen niet worden gebruikt.
Vrijstelling
Voor het examen Marketing is geen vrijstelling mogelijk. Om het LSSO-certificaat Marketing te behalen, leg je het volledige examen af.
Waar leg je het examen af?
Het examen wordt afgenomen onder verantwoordelijkheid van LSSO Examenbureau. Voorafgaand aan het examen wordt je identiteit gecontroleerd en tijdens de examenafname is toezicht aanwezig. Het examen kan worden afgelegd op de examenlocatie van LSSO in Eindhoven of, wanneer dit wordt aangeboden, bij een LSSO Education Partner.
Na het examen
Bij een voldoende resultaat ontvang je het LSSO-certificaat Marketing. Hiermee toon je aan dat je de getoetste marketingkennis en -vaardigheden beheerst en kunt toepassen in commerciële en beroepsgerichte situaties. Afhankelijk van de gekozen leerroute kan dit certificaat onderdeel zijn van een breder LSSO-diploma.
Voor het examen Marketing betaal je € 130,-*. Dit tarief geldt voor het volledige schriftelijke examen.
Het examentarief is inclusief de examenafname, het toezicht, de beoordeling en verwerking van het resultaat en de kwaliteitsborging van het examen. Ook de ontwikkeling en het beheer van verschillende examenvarianten zijn in het tarief opgenomen.
Herkansing
Heb je een onvoldoende resultaat behaald? Dan kun je het examen opnieuw afleggen. Je maakt bij een herkansing een nieuwe examenvariant. Voor een herkansing betaal je opnieuw € 130,-*.
Vrijstelling
Voor het examen Marketing is geen vrijstelling mogelijk. Om het LSSO-certificaat Marketing te behalen, leg je het volledige examen af.
Wil je daarnaast een fysiek certificaat ontvangen? Hiervoor betaal je € 10,- exclusief verzendkosten. Het certificaat wordt na aanvraag per post naar je verzonden.
* De genoemde examenprijs geldt voor kandidaten die het examen afleggen via een LSSO Education Partner. Is jouw opleider geen Education Partner, informeer dan bij jouw opleider naar de geldende examentarieven; deze liggen in veel gevallen minimaal € 25,- hoger.
Een goede voorbereiding begint met lesmateriaal dat aansluit op wat je tijdens het examen moet kennen, begrijpen en kunnen toepassen. Met het LSSO-lesmateriaal Marketing leer je stap voor stap hoe organisaties inspelen op de markt, klantbehoeften en ontwikkelingen in hun omgeving.
Je werkt onder andere met marketingconcepten, de marketingmix, DESTEP, marketingplanning en strategie, consumentengedrag, zakelijke afnemers en marktonderzoek. Daarnaast komen product- en merkbeleid, prijsbeleid, distributie, marketingcommunicatie, dienstenmarketing en direct marketing aan bod.
Ook online marketing is onderdeel van de voorbereiding. Je leert onder andere over de online marketingtrechter, conversie, SEO en SEA, e-mailmarketing, social media, virale marketing en affiliate marketing. Daarbij gaat het niet alleen om het kennen van begrippen, maar vooral om het herkennen en toepassen ervan in een praktijksituatie.
Extra aandacht bij de voorbereiding
Het huidige LSSO-lesmateriaal biedt een goede basis voor het examen Marketing. Omdat marketing zich snel ontwikkelt, is het belangrijk om bij de voorbereiding ook met actuele voorbeelden en praktijksituaties te werken. Dit kan zelfstandig of samen met jouw opleider.
Besteed extra aandacht aan het combineren van verschillende marketingonderwerpen. Oefen bijvoorbeeld met situaties waarin je vanuit een doelgroep en marketingdoelstelling een passende marketingmix, strategie, distributiekeuze of communicatiemix moet bepalen en jouw keuze moet onderbouwen.
Ook bij online marketing is aanvullende oefening belangrijk. De uitgangspunten uit het lesmateriaal blijven bruikbaar, maar online kanalen en toepassingen veranderen snel. Bereid je daarom voor op actuele voorbeelden van zoekmachinemarketing, social media, e-mailmarketing, online klantbinding en conversie. Het gaat daarbij om het begrijpen van de marketingprincipes en niet om de werking van één specifiek platform.
Oefen daarnaast met het interpreteren van eenvoudige marketinggegevens, zoals resultaten uit marktonderzoek, klantgegevens en conversiecijfers. Je moet kunnen bepalen wat deze gegevens betekenen en welke marketingkeuze daarbij past.
Onderwerpen zoals customer journey, contentmarketing, CRM en datagedreven marketing, privacy, duurzaamheid en de invloed van AI op marketing zijn relevant voor de huidige beroepspraktijk. Deze onderwerpen kunnen als aanvulling worden meegenomen bij de voorbereiding. Ze worden niet als zelfstandige examenstof getoetst zolang ze niet zijn opgenomen in de geldende eind- en toetstermen.
Lesboek en online leeromgeving
Het LSSO-lesboek inclusief toegang tot de online leeromgeving kost € 100,- exclusief verzendkosten.
Wil je alleen gebruikmaken van de online leeromgeving? Een losse toegangscode kost € 60,-. Hierbij is geen fysiek lesboek inbegrepen.
De toegangscode is vanaf het moment van activeren drie maanden geldig. Het verlengen van de code met drie maanden bedraagt 15,- euro (totaal 180 dagen).
Het gebruik van LSSO-lesmateriaal is niet verplicht. Ook ander lesmateriaal kan worden gebruikt, mits dit de geldende eind- en toetstermen van Marketing volledig behandelt.
Referentieniveau: mbo 4
Het examen Marketing is afgestemd op mbo-niveau 4. Op dit niveau laat je zien dat je marketingkennis niet alleen kent en begrijpt, maar deze ook kunt toepassen in commerciële en beroepsgerichte situaties.
Je werkt met onderwerpen zoals de marketingmix, marketingplanning en strategie, afnemersgedrag, marktonderzoek, product- en prijsbeleid, distributie, marketingcommunicatie en online marketing. Daarbij wordt van je verwacht dat je informatie uit een praktijksituatie kunt gebruiken om een passende marketingkeuze te maken.
Het niveau komt vooral tot uiting in het toepassen en combineren van marketingkennis. Je kunt bijvoorbeeld bepalen welke strategie bij een organisatie past, onderzoeksgegevens interpreteren, een doelgroep beoordelen of uitleggen waarom een bepaald distributie- of communicatiekanaal geschikt is. Ook kun je eenvoudige marketinggegevens, zoals conversiecijfers, gebruiken om een conclusie te trekken.
De vraagstelling is duidelijk en praktisch. Je hoeft geen uitgebreide marketinganalyses of strategische adviesrapporten te maken. Wel moet je kunnen laten zien dat je marketingbegrippen begrijpt, verbanden herkent en jouw keuze op basis van de gegeven informatie kunt onderbouwen.
Het LSSO-certificaat Marketing is een branchegericht certificaat op mbo 4-niveau. Het laat zien dat je de vastgestelde kennis en vaardigheden voor Marketing beheerst. Het certificaat is niet hetzelfde als een wettelijk erkend mbo-diploma niveau 4, maar kan afhankelijk van jouw leerroute onderdeel zijn van een breder LSSO-diploma.
LSSO Onderwijsgroep streeft naar een examenproces waarin betrouwbaarheid, transparantie, rechtsgelijkheid en kandidaatgerichtheid centraal staan. Lees in ons examenreglement hoe we dat bewerkstelligen.
Aanbevolen lesmateriaal


